Tom Van de Voorde

Het windgat

In een boekje, uitgegeven door de Chinese schrijversbond en het Goethe-Institut in
Beijing, valt mijn oog op een tweetalig onderschrift. De foto zelf laat een door de
zon
verlicht eikenblad zien in een voor de rest donker bos. Fotograaf is de Duitse
dichter
Dieter M. Gräf. ‘Licht’ heet de foto en aldus ook het onderschrift. Op zich niet 
zo
verwonderlijk, zij het dat het Chinese karakter voor licht me aan een kruiwagen
doet
denken. Eigenlijk lijkt het meer op een tuintafel met een kromme poot. Op het
terras
bij mijn ouders stond zo’n tuintafel. Omdat ze altijd wiebelde, viel mijn vader 
zijn
drankje een paar keer om, waarop mijn moeder besloot de tuintafel in het gras
te
zetten. Voortaan deed ze dienst als sokkel voor haar vetplantjesverzameling.

Misschien doet het Chinese karakter me aan een kruiwagen denken, omdat de 
kromme poot evengoed een wielvork zou kunnen zijn. Ik kan niet naar eikenbladeren
kijken, zonder aan kruiwagens te denken. Mijn jeugd was één grote kruiwagen. 
Elk
jaar bij het begin van de winter trachtte mijn vader zijn
melancholie te bestrijden door
zijn gazon bladvrij te maken. Een klotewerkje waar
zijn twee oudste zoons voor
mochten opdraven. De ene reed rond met de kruiwagen;
de andere mocht hem vullen
met bladeren die wekenlang nat en samengekoekt op het
gazon hadden gelegen.
Nog steeds heb ik een hekel aan alles wat nat en samengekoekt is
. Tijdens de herfst hopen
de bladeren samen voor mijn deur en blijven daar wekenlang liggen. 
Het leidt soms
tot verkeershinder en in mijn geval tot compulsieve ergernis. Ik veeg ze
dan uiteen
of verleg ze op één grote hoop in het midden van de straat. Vervolgens kijk
ik toe hoe
auto’s – opgeschrikt door wat er op hen af lijkt te komen – bruusk vertragen om dan

in volle vaart de hoop kapot te rijden. Het bezorgt me een licht euforisch gevoel om
de uiteengereten bladeren te zien opvliegen, iets wat ik ook
herken bij de mensen van
de groendienst die tegenwoordig gewapend zijn met
bladblazers. Ze blazen er de
samengekoekte bladeren mee uit elkaar om ze op nieuwe
hoopjes te leggen, in
afwachting van collega’s die een half uur later met een
bladzuigerwagentje langs
komen. In mijn jeugd bestonden die bladblazers niet,
laat staan die
bladzuigerwagentjes. Op herfstige zondagmiddagen moest ik de bladeren
ruimen van
de grote eik in het midden van de tuin met een hark en handschoenen die
na een paar
minuten nat waren. Zonder handschoenen werken was geen optie, want
dan lagen op
het eind van de middag je handen open van al die puntige bladsteeltjes.
De
bladblazers die ze nu gebruiken doen me wat denken aan automatische geweren,

bazooka’s en ander kinderlijk wapenspul waarmee ik in mijn jeugd heb gespeeld. Om
indruk te maken op je vrienden moest je ze met één hand kunnen vasthouden, waarna
je als een dolle schutter in een draai van 360 graden iedereen rond je neerknalde
terwijl je speeksel
spuwende lippen allerlei pwangpwanggeluiden maakten. De
mannen van de
groendienst houden hun bladblazer ook met één hand vast. Misschien
is voor de
groendienst werken wel een dolle vorm van schuttertje spelen. Zelf speelde
ik vooral
indiaantje, mijn broer cowboy, behalve die keer dat ik een speelgoedpistool
naar zijn hoofd slingerde in een boze poging om van rol te wisselen en mijn moeder
voor het eerst luidop riep wat ze al een paar jaar moet gedacht hebben. Ik denk vaak
terug aan dat speelgoedpistool als ik mijn broer zie. Vlak boven zijn linkerwenkbrauw
zit
een lelijk litteken, van het soort dat vrouwen niet opwindend vinden. Ik heb niets
met dat
litteken te maken, maar ik kan nu eenmaal geen littekens zien, zonder te
denken
aan speelgoedpistolen, kruiwagens, natte handschoenen, mijn broer en nu ook
aan het
Chinese karakter voor licht, dat eigenlijk op een tuintafel lijkt, maar voor mij
toch
vooral herinnert aan het begin van de winter, toen mijn vader zijn melancholie
wou
verlichten door ons de bladeren in de tuin te laten ruimen.
 

Tom Van de Voorde is dichter, essayist en vertaler. Hij debuteerde in 2008 bij het Gentse Poeziecentrum met de dichtbundel Vliesgevels filter, waarvoor hij werd genomineerd voor de Buddinghprijs. In 2013 verscheen  zijn tweede dichtbundel Liefde en aarde . De bundel werd genomineerd voor de Herman de Coninckprijs en bekroond met de driejaarlijkse prijs voor letterkunde van de provincie Oost-Vlaanderen. Zijn gedichten zijn vertaald in het Duits, Engels, Frans, Italiaans, Kroatisch, Slovaaks, Sloveens en Zweeds. Zelf vertaalde hij poëzie van de Amerikaanse dichters Wallace Stevens en Michael Palmer en schreef hij essays over folk muziek, Amerikaanse marxisten, Madonna, de eeuwige jeugd en Californië. Hij werkt als literatuurprogrammator bij Bozar, het Paleis voor de Schone Kunsten in Brussel. 

Comments

One thought on “Tom Van de Voorde

Comments are closed.

Michael Tedja

Maan   Mijn broer is zijn zaad kwijt omdat drugs de maag voedde van zijn stervende zus. Ik ben gestopt met het zweverige werk. Ooit had ik op een postkantoor gewerkt. Ik kon niets zien door die ouderwetse bril. Een universeel koortsmens betrok een vorm. Ik werkte er voor een broodmes en een scalpel. De […]

Lees verder

Arno Van Vlierberghe

Ex-Daemon   Hier staan we dan. Het einde helder, grotesk in zicht. Het krult zich snurkend tot een goed klinkend gedicht. Mooie holle woorden waar iedereen van houdt. Het romantiseren van de dood is een giftig iets. De dood van een fruitvlieg is niet tragisch, is hopeloos. Het beeld van de in witbier verdronken fruitvlieg […]

Lees verder

Anne Becking

Lees verder

Robin Ramael

het halting probleem   alles mengt met elkaar maar heel traag – marwin vos   het weer moet een vergissing zijn. zwerend in de bomen spuwen reigers braaf hun nesten aan elkaar, niemand had de bloesems wat dan ook gevraagd maar kijk, toch staan ze daar, geil en klaargemaakt, bestuurd door een zon die niet […]

Lees verder

Maja Solar

Vertaling: Emma Kosanović   Wanneer alles een luxe is vandaag heb ik tien euro verloren zevenenvijftig appels door honderdtweeënveertig enthousiaste stappen en toen viel ik flauw uit angst voor armoede ik heb een map over al het onrecht in de wereld gemaakt van haren die zich op een tapijt ophopen ik schudde de tweelingkussens op ’s […]

Lees verder

Obe Alkema

JUST THE TIP Soms jouw eigendom. De dichter schept in navolging van het beleid. Red deze zielige zeehond liever niet. Ik hang van je af, doordat je van mij afhangt. Dat leerden we niet op de leerschool. Tegenslag leerde ik omarmen. Tegenslag is mijn leermeester. In scherven valt het maanlicht. Ik bind het koord. Pirateske […]

Lees verder

Veva Leye

Lees verder

Samplekanon feat. Babelsprech International: 23 november in Rotterdam

Als afsluiting van vijf jaar Babelsprech International vindt op verschillende podia in Europa tegelijkertijd een poëzieavond plaats. Samplekanon viert vijf jaar Babelsprech International in Leeszaal Rotterdam West met optredens van zes geweldige dichters: Dean Bowen Asha Karami Obe Alkema Sayonara Stutgard Benjamin De Roover Linda Carolien Veldman Locatie: Leeszaal Rotterdam West Aanvang: 19:00 Toegang: gratis […]

Lees verder

Maxime Garcia Diaz

hou op met in de honger wonen   slowly heating sweetened milk to create a substance similar to caramel. Het lichaam begint te kloppen misselijk zoals een carcinogeen hart klopt of zoals        Het holt zichzelf uit. Het vult zichzelf traag met zwellende rook en je voelt je als een kale boomtak reiken om een wolk, […]

Lees verder

Asha Karami

kapitalisme zorgt voor de achteruitgang van zaadkwaliteit   maar of dat erg is een pathologisch plot ligt om mij heen je verminkte oog wacht neem een slok grijze snor in rolstoel je vat kou zo ik zuig aan je knieholten gebleekt diertje van me hey lieverd je bent gewoon een vraag en ik wil dat […]

Lees verder