Over stijl, Oek de Jong in medialand, authenticiteit, het lichte en het lollige

Vorige week hoorde ik een man zeggen dat hij, als in zijn woonplaats Brussel over straat loopt, de stijl zo mist. Vrouwen lopen in niets minder dan zakdoekjes! Waar is de schoonheid, de poëzie? Hij complimenteerde Oek de Jong, die een lezing gaf, met zijn stijl. Gelukkig was Oek de Jong er nog.

Ik voelde niets voor deze verzuchtingen. Ook met Oek de Jong was ik het niet eens. Hij vond het zo opvallend dat jonge schrijvers alleen maar van die korte zinnetjes kunnen schrijven. Ik weet niet of dit waar is, maar wat heeft het met stijl te maken? Duiden korte zinnen op een slechte stijl? In de trein naar Amsterdam herlas ik dinsdag stukken uit het verzameld werk van Frans Kellendonk. In dat werk zijn veel momenten waarop ik zie, te zien krijg, wat stijl is. Misschien wil ik wel zijn leerling zijn, soms, maar ik weet niet hoe dat moet. Dit is zo’n moment :

‘Schoft was ziek. Hij schilferde langzaam af. Wanneer hij liep dwarrelden de schilfers uit zijn mouwen en broekspijpen. Zo werd hij langzaam transparant. En wat door het dunner wordende omhulsel heen zichtbaar begon te worden was niet zijn naderende dood, maar, vreemd genoeg een zachte, jeugdige glans.’

Oek de Jong ziet zichzelf als de schrijver van een geconcentreerd, authentiek oeuvre. Wij leven volgens deze schrijver in een media-tijd van het lichte en het lollige. Daar tegenover wil hij authenticiteit stellen. Zijn obsessies. En realisme. De naam Franzen viel. Ik begon in korte zinnetjes te denken. Weer die Franzen. De Messias. Serieuze, authentieke literatuur. Franzen. Serieus. Moreel. Authentiek. Het galmen van de journalistieke klok. Kwijl. Maar waar hebben we het nu precies over?

Is authenticiteit niet de allergrootste fetisj van die media-tijd waar de Jong het over heeft? Hij heeft in mijn ogen nogal wat te overwinnen. Net zoals humor vaak moet worden terugveroverd, en lichtheid wordt bevochten op wat onverteerbaar is.Waar magnum opussen dik komen doen, floept de geest wel eens de verkeerde richting uit. Door de aars naar buiten bijvoorbeeld, als een verzuchting.

Door: Maarten van der Graaff

Comments


Notice: Uninitialized string offset: 0 in /var/www/vhosts/samplekanon.com/httpdocs/wp-includes/class-wp-query.php on line 3149

Asha Karami

kapitalisme zorgt voor de achteruitgang van zaadkwaliteit   maar of dat erg is een pathologisch plot ligt om mij heen je verminkte oog wacht neem een slok grijze snor in rolstoel je vat kou zo ik zuig aan je knieholten gebleekt diertje van me hey lieverd je bent gewoon een vraag en ik wil dat […]

Lees verder

Flora Woudstra

Ik wikkel jassen en stola’s van drie generaties vrouwen om mij heen en beweeg door placebo-winters tot ze uiteenvallen. Sporen van erfelijke waanzin      lekken uit de wijde mouwen. Mijn moeders vingers stikken de gesleten stof maken een duik in de gevlochten mand op zoek naar garen stevig genoeg om de doden naar hier […]

Lees verder

Nguyễn Thị Mai

ik ben een maatschappelijk probleem    in 2018 wil ik een gemene chili peperplant groeien zodat ik jullie allemaal kan vergiftigen afbreken en doen herleven als schimmel dit is een vorm van wereldpolitiek ik heb al een tijdje niet geslapen slenter door de stad en staar naar mijn mobiel liefste, de dagen zijn lang zonder […]

Lees verder

Lokienprijs voor Samplekanon

De Lokienprijs 2018 is toegekend aan Samplekanon. Deze prijs, ter waarde van € 5000, is ingesteld door de Sybren Polet Stichting om het schrijven van vooruitstrevende, onconventionele en experimentele teksten te bevorderen. De jury, bestaande uit Jos Joosten, Bart Vervaeck en Marieke Winkler, deelde de volgende overwegingen met ons:  Dit literaire online-tijdschrift, dat in 2012 […]

Lees verder

Fiep van Bodegom

Het eiland van de pijnbomen en later ook de jeugd   We kwamen uit alle windstreken. Donkere kinderen met lange, dunne schenen, kinderen zo bleek dat je geen lijnen kon onderscheiden, slechts hun omtrek. Kinderen uit warme, koude en gematigde klimaten. We waren met onze onderwijzers naar het eiland gekomen en werden ieder in onze […]

Lees verder

Maurits de Bruijn

er zijn mensen die het woord er niet mooi vinden en zeggen dat je het altijd weg kunt laten door mijn straat liep een kameel daarop een bruidegom tussen zijn benen witte rozen nooit had ik iemand gezien die zo af was ik zat met Iers bier op tafel in een café waar we als […]

Lees verder

Maartje Smits

                                                                  Maartje Smits (1986) is dichter, detective en imker. In 2015 verscheen haar dichtbundel Als je een meisje bent. Ze studeerde Beeld & […]

Lees verder

Linda Carolien Veldman

    Linda Carolien Veldman (1989) studeerde Filosofie en Cultural Analysis in Amsterdam en Berlijn en schrijft poëzie, vaak in meerdere talen. Afgelopen zomer ging ze als dichter met deBuren naar Parijs, sindsdien staat ze met enige regelmaat op het podium om haar gedichten voor te dragen. De eerste tekst kwam tot stand in het […]

Lees verder

Nils Chr. Moe-Repstad

6e vergiftiging   Na het feest, lieveling: ‘als je bij mij blijft staan, zul je horen dat vogelzang altijd al ritueel was’ wie van gezang houdt, houdt van het schrift als een oeroud ritueel ik ben het hallucinerende drijven naar dat wat nog niet giftig is een droevigheid van water en zware metalen onder het duistere, […]

Lees verder

Roemer lezen 2

wij activeren beelden wij houden onze archieven vloeibaar door te bewegen we roepen schaduwen op die onzichtbaar blijven nemen luxe waren om nooit te vergeten we zoeken iets dat altijd blijft een zee achtervolgers, mijn onderduik wij activeren beelden tijdens de reis wij activeren wonden, leggen scherven uit, zoeken woorden erbij, we kijken de toestand […]

Lees verder