Dominique De Groen

1333/2008/EG

 

Ik slik.
De Europese richtlijnen voor laagcalorische zoetstoffen
zijn nu in mijn lichaam
en verbinden mijn lichaam
met andere lichamen
die hen ook bevatten.
De andere lichamen zijn overal.
In al mijn biotopen loop ik hen tegen het lijf.
In Gent plakken zij op onaangename wijze tegen me aan
op overvolle trams.
Op Google Streetview reizen zij door Oost-Europese plattelanden
op de kar getrokken door het paard.

Maar Europese richtlijnen
wanneer ik lees over jullie
verslapt mijn aandacht.
Ik heb over jullie geen enkele mening
en ik voel me een slechte burger.

Zoekmachines van het Deep Web, bezorg mij rituelen
om te ontsnappen aan deze geschiedenis.
Wanneer ik van de spiegel wegkijk zal er vrees ik iets wezenlijks sterven.
Ik reflecteer dingen maar niet over dingen.
De stad is een spiegelend oppervlak
waarover ik mij traag en doelloos voortbeweeg
tussen de gebouwen.

Ik wil schrijven vanuit het smalste punt van mijn lichaam
opdat niemand zal kunnen zeggen
dat ik geen taille heb.
Het nulpunt benaderen.
Asymptotische poëtica.

Toch dij ik uit en word ik vol en dicht.
En ik weet dat ergens iemand gelogen moet hebben.

 

Only Way Is Essex

 

Ze vertelt me over de dood die haar marxisme stierf
toen ze verhuisde naar de sociale woonwijk
op de heuvel aan de rand van de stad.
Naast de grootste Sainsbury’s van Europa
hollen bouwputten de heidegrond uit.
Iedereen in de woonwijk werkt
bij de grootste Sainsbury’s van Europa.

En ik ben jaloers.

Ook ik wil wonen en werken in een zelfomvattend, circulair systeem.

Achter de flarden stad die ik sprokkel
wanneer ik wegbeschrijvingen opzoek
ligt de totale stad die voor mij ontoegankelijk blijft.
Het stedelijke. Het gezicht van de stad. Haar unieke karakter.
Ik ken alleen de punten A en de punten B.

Ze zegt: consumeren draait niet alleen om het vergaren
maar ook om het hercontextualiseren van objecten.
Curator worden van je eigen museum.
Het bezitten van deze dingen
stelt je in staat te reizen door tijd en ruimte.
De exacte momenten waarop je ieder ding voor het eerst koos
liggen om je heen voor het oprapen.

Ja, ik heb gelezen
dat en waarom populaire cultuur verwerpelijk is
maar dat neemt niet weg dat ik veel troost put
uit het platste dat de populaire cultuur te bieden heeft.
Ik hoop dat iemand mijn duisterste online zoekopdrachten bijhoudt en leest.
Ik wil dat iemand weet
dat ik urenlang doelloos heen en weer klik tussen dezelfde drie websites
en dit vrije tijd noem.

Achter de flarden persoonlijkheid die ik hier sprokkel
hoort een totale persoonlijkheid te liggen
die voor mij ontoegankelijk blijft.
Het persoonlijke. Het unieke gezicht van mij.

En ik ben jaloers,
ook ik wil lijden aan jouw bestaan.

 

You Feel Like Shit: An Interactive Self-Care Guide

 

Vrijdagnacht omstreeks twee. Ik teken in Paint.
Een turquoise traan op de wang van Princess Diana
maakt mijn liefde voor haar eindelijk oprecht.
Pixels zijn geschikte geleiders voor emotie.
Foto’s van dode iconische figuren ook.

“Babe
you’re looking so good
like so happy
like I can feel it radiate through my screen”
zegt ze op Skype.
Er staan zes tijdzones distortion op mijn emoties.
Ik voel me een huichelaar maar houd mijn mond en glimlach.

Wanneer ik ga slapen laat ik mijn laptop aanstaan
voor mocht ik tijdens de nacht opzoekwerk willen doen
rond mijn onvermogen tot intimiteit en stabiele relaties.
Ik kan het idee niet verdragen dan nog te moeten wachten tot hij is opgestart.

Als je jezelf niet van een kader voorziet
doet iemand anders het wel voor je.
Je lichaam theoretisch framen wordt basale noodzaak
een kwestie van overleven.

(Ik actualiseer: mijn discrete lichaam. Mijn intieme lichaam. Mijn politieke
lichaam. Mijn talige lichaam. Mijn permeabele lichaam. Mijn lichaam in zijn
culturele context. Mijn lichaam op een welbepaald punt in een sociale
machtsstructuur. Mijn lichaam-als-gender. Mijn lichaam zonder gender. De
temperatuur van mijn lichaam. Mijn lichaam in 2015: de canon is persoonlijk.
Het lichaam niet.)

Princess Diana is niet dood en zal nooit dood zijn.
Kurt Cobain is niet dood en zal nooit dood zijn.
In mei 2011 werd gefeest in de straten van de wereld
voor de dood van een Bin Laden die niet dood was en nooit dood zal zijn.

Ik & dit gedicht hebben het op het moment dat we elkaar typen
vele malen kouder dan deze
belangwekkende historische figuren.

Comments

Dominique De Groen (1991) studeerde Engelse Literatuur en Latijn aan Glasgow University en woont tegenwoordig in Gent. Ze is zowel IRL als online bezig met het schrijven en performen van poëzie.

One thought on “Dominique De Groen

Comments are closed.

Nils Chr. Moe-Repstad

Vertaling: Liesbeth Huijer

03

Maar het lichaam is elke letter in de bacteriële catalogus

Lees verder

Bernke Klein Zandvoort

in het nieuwe jaar wilde ik los van het idee dat ik pas mag bestaan als ik maar genoeg uren heb gedraaid

Lees verder

Renata De Bonis

Lees verder

Sanne Kabalt

doodvissen                                  

wezenstrek
Met haar handen in het deeg weet ze wat ze doet.
Ze drukt haar palm in de zachte bol. De onderste
helft van haar gezicht is ontspannen, op haar
voorhoofd tekenen zich zeven denkrimpels af –
alsof het deeg haar iets vertelt dat haar verbaast.

Lees verder

Anneke Brassinga

Orgelend
een improvisatie voor ih

In de buik van de enige de benige homvis
waarin u ik was en mij u wast,
zegevierende een echt tussen zeeduivels.

Lees verder

Roos Vlogman

Poëzie van Roos Vlogman.

Lees verder

Robin Ramael

onvolledigheid

vertel me niet wat ik gemist heb;

het jaar kruipt open als een brandend stuk papier

Lees verder

Marieke Polderdijk

Het evangelie volgens Matteüs
De vroedvrouw woonde al bij me

Lees verder

Daniël Labruyère

Dataslag

Achter ons ligt de val van de
Sovjet- Unie en de dood van het
gesprek.

Lees verder

Annemieke Dannenberg

Geïnspireerd door de Tuin der lusten van Jheronimus Bosch en Dante’s Goddelijke Komedie, neemt verteller Annamaria Toverberg de luisteraar mee naar een cathartische kermis waar de bezoeker zelf een attractie wordt.

Lees verder